Skip to main content

Waar loopt u tegenaan? Wat neemt u waar bij uw kind? Wat kan helpen in de situatie? Heeft het met school te maken of spelen er (ook) andere factoren mee? En is het misschien goed om anderen te betrekken bij het gesprek? Hieronder ziet u waar u terecht kunt met uw vragen: op school, via de school of buiten de school. Wacht niet te lang en ga tijdig in gesprek.

Stap 1: met elkaar in gesprek

U of de mentor ziet dat het niet goed gaat met uw kind op school. Er kunnen verschillende oorzaken zijn. De belangrijkste eerste stap is dat u en de mentor met elkaar in gesprek gaan. Waar maakt u zich zorgen over? Waar denkt de school aan? Hoe ziet u dat? En welke stappen kunnen worden gezet?

Stap 2: informeren en oriënteren 

Na het gesprek gaat u zelf informatie inwinnen en zich goed voorbereiden op het vervolg. Wat zijn de mogelijkheden die de school heeft? Wat mag en kan de school doen? Wat kunt u van de school verwachten en vragen? En ook: Wat kunt u als ouder of opvoeder doen? En wat kan uw kind vertellen?

Stap 3: onderzoek naar de oorzaak

De onderzoeksfase begint. Wat is er nodig om de situatie duidelijk te krijgen? Het kan voorkomen dat iemand uit het Ondersteuningsteam op school meekijkt naar uw kind. Bijvoorbeeld een ondersteuningscoördinator of een deskundige in de school. De inzet van mensen van buiten de school mag alleen met toestemming van een  ouder/opvoeder. U en uw kind worden hierbij betrokken en samen kijkt u wat nodig en passend is.

Stap 4: een plan maken

De onderzoeksfase levert een plan op. Soms kan de school uw kind begeleiden vanuit de mogelijkheden van de school. Welke mogelijkheden dit zijn staat beschreven in het schoolondersteuningsprofiel. Deze vindt u op de website of schoolgids van de school. Soms is hulp van buiten school nodig. In overleg met u wordt deze ondersteuning ingezet. Dit gebeurt zoveel mogelijk in de klas en op de school van uw kind. Ook wat u en uw kind zelf kunnen bijdragen in de situatie is van belang. De ondersteuning en afspraken hierover worden vastgelegd in het Ontwikkelingsperspectiefplan (OPP). Soms wordt alleen een handelingsplan gemaakt.

Stap 5: evalueren van het plan

Het plan dat is uitgevoerd wordt geëvalueerd. Is het gelukt om met aanpassingen uw kind weer een goede plek te bieden binnen de school? Moet er misschien nog iets extra’s gebeuren? Ook bij deze stap overlegt de school met u en zo mogelijk ook met uw kind over de situatie. Wat heeft geholpen? Wat hielp minder goed? Wat passen we aan en proberen we nog eens? Met een aangepast plan wordt stap 4 nog eens gedaan.

Stap 6: een andere school

Stel dat het de school, ondanks alle plannen, niet lukt om een goede plek voor uw kind te organiseren. Dan kijkt de school samen met u naar een goed vervolg voor uw kind op een andere school (zorgplicht). Het kan zijn dat een andere reguliere school in de buurt de passende ondersteuning wel kan bieden. Het kan ook zijn dat uw kind intensievere ondersteuning nodig heeft en naar het speciaal onderwijs overstapt.